leerkracht.nl: lespraktijk: Vikingen: activiteiten voor groep 7 en 8


leerkracht.nlLesschetsForumAdresboekColofon


Thema: Vikingen
  Een tijdbalk over de vikingtijd
De vikingen waren gedurende een aantal eeuwen heer en meester in het noordelijk deel van Europa en op allerlei plaatsen ver daarbuiten. Ze ontdekten nieuwe delen van de wereld en vestigden zich daar. De kinderen maken een tijdbalk waarop ze de belangrijkste gebeurtenissen uit de vikingtijd in kaart brengen.
  Als de strovuren branden
Het is moeilijk voor te stellen hoe het was om kind te zijn in de tijd van de vikingen. En hoe moet het wel niet geweest zijn om door die noormannen te worden aangevallen? Door te luisteren naar een verhaal over deze spannende tijd kunnen de kinderen zich inleven in het leven van toen.
  De vikingen op internet
Over een onderwerp als de vikingen is van alles te vinden op internet: van verenigingen tot museumstukken, van sieradenmakers tot speelgoed. De kinderen gaan zelf op zoek met trefwoorden en verschillende zoekmachines.

Een tijdbalk over de vikingtijd

Materiaal
· pen en papier
· kaartjes op briefkaartformaat
· plakband
· naslagwerken, bijvoorbeeld Encarta-encyclopedie op cd-rom
· informatieve jeugdboeken over de vikingen (zie achtergrondinformatie)
· eventueel internet

Tijd
40 minuten

Doel
De kinderen verwerken de belangrijkste gebeurtenissen uit de vikingtijd in een tijdbalk.

– Vraag de kinderen wat ze over de vikingen weten. Laat ze er kort over vertellen. Geef aan de hand van de achtergrondinformatie uitleg over de vikingen en de tijd waarin ze leefden.
– Vertel de kinderen dat ze een tijdbalk gaan maken met alle belangrijke informatie die ze over de vikingen kunnen vinden. Ze gaan daarvoor op zoek in verschillende naslagwerken en informatieve boeken over de vikingen of op internet. In de achtergrondinformatie vindt u relevante websites.
– Verdeel de klas in drie groepen. Elke groep zoekt informatie over een bepaald gebied waar de vikingen leefden: het Noord-Westen (Scandinavië, IJsland, Groenland en Amerika), Europa (Engeland, Ierland, Noord-Frankrijk, Nederland, Italië) en het Oosten (Rusland).
– Verdeel vervolgens elke groep in vier kleine groepjes. Elk groepje houdt zich bezig met een bepaalde periode: tot 900 na Christus; van 900 tot 1000; van 1000 tot 1100; na 1100.
– De groepjes zoeken informatie over belangrijke gebeurtenissen in hun gebied en tijd. Van elke belangrijke gebeurtenis maken de kinderen een notitie. Benadruk dat de kinderen van iedere gebeurtenis het jaartal en de plaats opschrijven, wat er precies plaatsvond en waarom dat belangrijk was. Spreek met de kinderen een tijd af die ze voor het zoeken mogen gebruiken.
– Maak met de gevonden informatie een tijdbalk in de klas. U kunt daarvoor een lange strook papier aan een muur bevestigen. Schrijf vooraf op de strook papier de jaartallen. Om voor de kinderen inzichtelijk te maken wanneer de vikingtijd precies was, kunt u de tijdbalk laten beginnen met het jaar 0 en laten eindigen met het jaar 2002.
– De kinderen schrijven elke gebeurtenis op een kaartje. De kaartjes uit de groep Noord-Westen kleuren ze groen, de kaartjes uit de groep Europa kleuren ze blauw en de kaartjes uit de groep Oosten rood.
– De kinderen hangen hun kaartjes op de juiste plek aan de tijdbalk, bijvoorbeeld met plakband.
– Lees met de kinderen de informatie die op de tijdbalk staat. Laat de kinderen vragen stellen en uitleg geven. Vat de informatie uit de tijdbalk kort samen.
– Laat de kinderen de tijdbalk illustreren met toepasselijke tekeningen.

Suggestie
Als u meer aandacht aan het thema vikingen wilt besteden, kunt u de tijdbalk blijven gebruiken om de gebeurtenissen in de tijd te plaatsen.

 

Als de strovuren branden

Materiaal
· het verhaal Als de strovuren branden
· tekenvellen
· tekenmateriaal

Tijd
30 minuten

Doel
De kinderen luisteren naar het verhaal Als de strovuren branden en maken er een tekening over.

– Vraag de kinderen wat ze over de vikingen weten. Laat ze er kort over vertellen. Geef aan de hand van de achtergrondinformatie uitleg over de vikingen en de tijd waarin ze leefden. U kunt de kinderen ter voorbereiding ook een van de andere twee opdrachten voor groep 7 en 8 uit deze lesbrief laten doen.
– Vertel de kinderen dat u een verhaal gaat voorlezen over de tijd van de vikingen. Het verhaal heet Als de strovuren branden. Lees voorafgaand aan het verhaal de inleiding voor.
– Bespreek het verhaal aan de hand van de volgende vragen:
· Hoe heten de kinderen uit het verhaal? (Rinke, Breg en Wenze)
· Hoe leefden zij in Dorestad? (Ze leefden in een klein huisje bij de boeren, ze sliepen op strozakken, ze hadden niets, alleen een oude beker die op de schouw stond, hun moeder werkte bij de boeren op het land.)
· Hoe kwam het dat ze arm waren? (Bij de vorige aanval hadden de vikingen hen beroofd, hun huis in brand gestoken en hun vader gevangengenomen.)
· Door welk teken lieten de mensen elkaar weten dat de vikingen eraan kwamen? (door strovuren aan te steken)
· Hoe noemden de kinderen de vikingen? (mannen uit het noorden)
· Wat deden de kinderen om aan de vikingen te ontsnappen? (Ze vluchtten over de velden.)
· Wat zagen de kinderen vanuit de greppel? (De vikingschepen, de hoofdmannen, iemand die op een snaarinstrument een lied speelde, de plundering van hun stad, de mensen die gevangen waren genomen, het vuur van de huizen.)
· Wat vonden Rinke, Breg en Wenze in de greppel? (de kist van hun vader met daarin waardevolle spullen)
· Wat konden ze met de spullen uit de kist doen? (Daarmee konden ze in een andere stad een nieuwe start maken, zonder gevaar voor de mannen uit het noorden.)
– Vraag de kinderen wat ze vinden van Rinke, Breg en Wenze. Vinden ze deze kinderen dapper? Waarom wel of niet? Wat lijkt ze moeilijk voor de kinderen uit het verhaal? Zijn ze blij dat zij niet in die tijd leefden? Waarom wel of niet?
– Laat de kinderen een tekening maken van een scène uit het verhaal, die ze zelf mogen kiezen. Help ze eventueel op weg door suggesties te geven:
· Rinke, Breg en Wenze die over de plankieren naar huis hollen;
· het huis van Rinke, Breg en Wenze;
· Rinke vindt de kist in de greppel;
· de kinderen vinden hun moeder terug;
· de vikingschepen varen de rivier op;
· de strovuren branden.
– Bekijk de tekeningen gezamenlijk. Vertel het verhaal nog eens kort na aan de hand van de tekeningen.

 

De vikingen op internet

Materiaal
· computer met internetaansluiting
· pen en papier
· eventueel een internetmap waarin de kinderen de naam van de bezochte website en de belangrijkste gegevens noteren; hierin kunnen ze ook een of meer prints opbergen

Tijd
20 minuten (per groepje van twee of drie kinderen)

Doel
De kinderen zoeken op internet naar relevante websites over de vikingen.

– Vraag de kinderen wat ze over de vikingen weten. Laat ze er kort over vertellen. Geef aan de hand van de achtergrondinformatie uitleg over de vikingen en de tijd waarin ze leefden. U kunt de kinderen ter voorbereiding ook de opdracht ‘Als de strovuren branden’ uit deze lesbrief laten doen.
– Vertel de kinderen dat ze op internet naar informatie over de vikingen gaan zoeken. Ze doen dit met behulp van zoekmachines. Leg eventueel uit wat een zoekmachine is. Een zoekmachine is een programma waarmee je op trefwoord websites kunt selecteren. Als je een zoekmachine gebruikt, is het van belang om goede trefwoorden te gebruiken. Bij heel algemene trefwoorden krijg je heel veel ‘treffers’. Bij heel specifieke trefwoorden krijg je soms te weinig reacties en moet je andere omschrijvingen gebruiken. Je kunt ook meer trefwoorden tegelijk gebruiken. De zoekmachine zoekt dan naar de combinatie van trefwoorden. Bekende zoekmachines zijn: Google, Ilse en Netwijs, de zoekmachine voor kinderen van de basisschool. Via een startpagina kun je ook naar informatie zoeken. Je moet dan kijken of er over jouw onderwerp een startpagina is. Je begint dan met je zoektocht bij http://www.startpagina.nl.
– Laat de kinderen via verschillende zoekmachines zoeken naar informatie over de vikingen. Het doel van het zoeken is niet zozeer om inhoudelijk veel te weten te komen over de vikingen, maar om te ontdekken waar je informatie kunt vinden. Laat de kinderen zelf nadenken over geschikte trefwoorden, bijvoorbeeld: vikingen, noormannen, Thor, Odin, runen, Vinland. De kinderen gebruiken de volgende zoekmachines:
· http://www.google.nl;
· http://www.netwijs.nl;
· http://www.ilse.nl;
· http://www.startpagina.nl.
– De kinderen noteren de naam van elke website die ze vinden. Ook schrijven ze op welke informatie er op de desbetreffende website staat en welke zoekmachine en welk trefwoord ze hebben gebruikt. Eventueel printen ze een of meer pagina’s en stoppen die in hun internetmap.
– Bespreek met de kinderen hoe het zoeken naar informatie over de vikingen is verlopen. Konden ze makkelijk informatie vinden of was het juist moeilijk? Weten ze ook waar dat aan lag? Welke websites en welke informatie hebben ze gevonden? Hebben veel kinderen dezelfde websites gevonden? Wat is het leukste of meest bijzondere dat ze op hun zoektocht zijn tegengekomen?

 

Auteur: Simone van Bentum-Gerich © Uitgeverij Zwijsen Educatief B.V.



Vikingen: achtergrondinformatie
leerkracht.nl: lespraktijk: Vikingen: activiteiten voor groep 1 en 2
leerkracht.nl: lespraktijk: Vikingen: activiteiten voor groep 3 en 4
leerkracht.nl: lespraktijk: Vikingen: activiteiten voor groep 5 en 6





©Uitgeverij Zwijsen Educatief B.V.