  |
Thema: Gezichten van Nederland
|
Hup, Holland, hup! 'Oranje' bepaalt voor velen het gezicht van Nederland. In het buitenland wordt Nederland vaak met die kleur geassocieerd, zeker in de sportwereld. Door middel van een verhaal maken de kinderen kennis met die koppeling. |
|
Bouw de buurt Het begrip 'Nederland' hoort niet direct tot de belevingswereld van jonge kinderen. Dit in tegenstelling tot de school en de omgeving. De kinderen bouwen dit stukje Nederland na in de zandtafel. |
|
Ons landje... Aan de hand van een gedichtje maken de kinderen kennis met (overdreven) typeringen van ons land. Ze bespreken in hoeverre die typeringen bij het gezicht van Nederland horen. |
Tijd
|
 |
|
20 minuten
|
Doel
|
 |
|
De kinderen maken kennis met de associatie 'oranje' en 'Nederland'.
|
 |
- Lees het verhaal Hup, Holland, hup! voor. - Laat de kinderen reageren. U kunt de volgende vragen stellen om lijn in het gesprek te houden:
|
- In het verhaaltje draagt iedereen wel iets wat oranje van kleur is. Waarom?
- Wanneer zie je veel oranje op straat? (Koninginnedag, feesten rondom het koningshuis)
- Weet iemand waarom juist oranje de kleur is die bij Nederland hoort?
- Ken jij nog een land dat altijd dezelfde kleur shirts aan heeft? (bijvoorbeeld geel voor Brazilië, rood voor België, blauw voor Italië)
- Moeder heeft de Nederlandse vlag op haar wang getekend. Hoe ziet die eruit?
- Heb jij zoiets als in het verhaal gebeurt ook wel eens meegemaakt?
|
 |
- Laat enkele kinderen het verhaal naspelen. - Vraag de kinderen om zoveel mogelijk spullen mee te brengen die met 'oranje' te maken hebben ('sport'artikelen, artikelen rond het koningshuis enzovoort). Maak daarvan een kleine tentoonstelling.
|
| |
 |
Materiaal
|
 |
- zandtafel - blokken, auto's, huizen, popjes - waardeloos materiaal als doosjes, stokjes, kroonkurken Opmerking vooraf U kunt de opdracht aan één groepje kinderen geven en vervolgens nabespreken. Ook is het mogelijk om elke dag een ander groepje aan de zandtafel te zetten. Dan wordt de activiteit dus dagelijks nabesproken.
|
Tijd
|
 |
|
25 minuten
|
Doel
|
 |
|
- De kinderen bouwen in de zandtafel de school en omgeving na.
|
 |
- Zet de kinderen in de kring. Vraag ze om te beschrijven wat er rondom het schoolgebouw te zien is. Denk aan straten, grasvelden, lantaarnpalen, hekken, gebouwen enzovoort. - Plaats de materialen in de kring. Stel de volgende vraag: als je de school in de zandtafel moet nabouwen, welke spullen kun je dan gebruiken? (Laat enkele voorbeelden geven, bijvoorbeeld blokken voor gebouwen en stokjes voor lantaarnpalen.) - Geef de kinderen de opdracht: Bouw in de zandtafel de school na. Gebruik de spullen die je net in de kring hebt gezien. - Plaats de kinderen in een kring rond de tafel. Bespreek de opdracht na. Laat de bouwers eerst een toelichting geven. Laat de kinderen daar spontaan op reageren. Laat tussendoor de volgende vragen en opdrachten aan bod komen:
|
- Is de groep dingen vergeten te bouwen ?
- Waarvan zou je die dingen kunnen maken? (Dit helpt een volgende groep op weg.)
- Laat met een popje een route lopen. Geef bijvoorbeeld de opdracht om vanuit de school de straat in te lopen. Vertel daarbij een verhaaltje, bijvoorbeeld: Je loopt over de speelplaats naar de poort. Je steekt de straat over. Je blijft op het voetpad lopen. Je loopt naar ...
|
 |
|
- Lukt het de kinderen om dit in het model weer te geven? (Een moeilijke opdracht, maar leuk om te proberen en het ruimtelijk voorstellingsvermogen van de kinderen te testen.)
|
| |
 |
Tijd
|
 |
|
20 minuten
|
Doel
|
 |
|
De kinderen bespreken aan de hand van een gedichtje enkele beelden die steeds terugkeren in de beeldvorming rond Nederland.
|
 |
- Lees het gedicht Ons landje...voor. - Laat de kinderen spontaan reageren. Stel de volgende vragen om lijn in de bespreking te krijgen:
|
- Welk land wordt in het gedichtje bedoeld met 'ons landje'?
- Er wordt gezegd dat Nederland plat is. Is dat waar? Zijn er in ons land bergen?
- Er wordt gezegd dat het hier heel veel regent. Klopt dat?
- Is Nederland echt zo groen? Zie je geen andere kleuren?
- Is het hier altijd koud?
- Wie is er wel eens op vakantie geweest in een ander land? Waren daar bergen? Was het daar even groen als hier? Was het daar warmer dan hier?
- Zou jij naar een ander land willen verhuizen?
|
Auteur: Hans Vermeer © Uitgeverij Zwijsen Educatief B.V.
|  |