|
|
  |
Thema: Sprookjes en mythen
|
Mythen voorlezen In veel oude verhalen zitten mythische elementen. Om de kinderen bekend te maken met het begrip 'mythe' leest u er elke dag een voor. |
|
Goden van klei In mythische verhalen komen diverse goden voor. De kinderen zoeken informatie over mythische goden. Ze maken een god of godin van klei. |
|
Scheppingsverhalen op internet Elke cultuur heeft zijn eigen scheppingsverhaal. Onderling bestaan daar veel verschillen tussen. De kinderen bezoeken op internet een website waarop scheppingsverhalen met schitterende animaties staan uit meer dan twintig culturen. |
Tijd
|
 |
|
20 minuten
|
Doel
|
 |
|
De kinderen luisteren elke dag naar een mythe die u voorleest.
|
 |
- Vraag de kinderen of ze verhalen kennen waarin goden de hoofdrol spelen. Laat ze er kort over vertellen. - Vertel dat veel verhalen uit oude culturen over goden gaan. Ze maken onderdeel uit van de religieuze beleving. Dergelijke verhalen worden mythen genoemd. Geef voorbeelden: Griekse mythen met goden als Zeus en Athene; Germaanse mythen met goden als Wodan en Donar. - Vertel dat u elke dag een mythe gaat voorlezen. Gebruik daarvoor bij voorkeur mythen uit verschillende culturen. - Laat de kinderen in een kring gaan zitten. Lees een mythe voor. - Vraag de kinderen wat ze van de mythe vonden. Bespreek het verhaal aan de hand van vragen als:
|
- Wat vind je mooi aan de mythe?
- Welke goden speelden erin mee?
- Wat is er speciaal aan de goden in het verhaal?
- Wat gebeurde er in het verhaal?
- Hadden de goden bijzonder krachten?
- Hadden ze ook menselijke trekken zoals jaloezie of verliefdheid?
- Kwamen er ook mensen voor in het verhaal? Wat gebeurde er met hen?
- Kwamen er nog andere figuren voor? Welke rol speelden die?
- Wat zou jij hebben gedaan als je in de mythe mocht meespelen?
|
 |
|
- Laat de kinderen als afsluiting de mythe kort navertellen.
|
| |
 |
Materiaal
|
 |
- klei - boetseermateriaal - verf - eventueel computer met internetaansluiting
|
Tijd
|
 |
|
30 minuten
|
Doel
|
 |
|
De kinderen maken een godenfiguur van klei.
|
 |
- Vraag de kinderen of ze een aantal mythische goden kunnen noemen. Laat ze kort vertellen uit welke mythe de goden komen, hoe ze eruitzien en wat hun eigenschappen zijn. - Maak een inventarisatie op het bord van diverse mythische goden. Als u de activiteit Mythen voorlezen hebt gedaan, kunt u daarbij aansluiten. - Vertel dat de kinderen een godenfiguur van klei gaan maken. Ze mogen zelf een god of godin kiezen. Daarbij kunnen ze eventueel eerst informatie inwinnen aan de hand van boeken. Op internet staat een mythenpagina (http://gallery.uunet.be/huyghe.bart/goden.html) Daar kunnen de kinderen informatie vinden over Griekse goden. - De kinderen maken een godenfiguur van klei. Help hen door te vragen hoe de god of godin eruitziet. Wat voor kleren draagt hij/zij? Wat voor soort god/godin is het? (Godin van de liefde, god van de zee, god van de donder enzovoort.) Welke attributen heeft hij/zij bij zich? (Bijvoorbeeld de drietand van de zeegod Neptunus.) - Bak de godenfiguren in de oven. Laat de kinderen een holte maken, zodat de klei niet barst. Na het bakken verven de kinderen de godenfiguren. - Laat de kinderen een kaartje maken met de naam van de god of godin erop. Ze leggen dat naast het beeld. - Zet na afloop alle godenfiguren op een tafel. Ga er met de kinderen omheen zitten. Bespreek welke goden er allemaal zijn gemaakt. Laat de kinderen er iets over zeggen. Eventueel vertellen ze de erbijbehorende mythe. - Plaats de godenfiguren op een plek waar ze gezamenlijk een mooie godenwereld vormen, eventueel met een hemel als achtergrond. Als u een uitstalkast hebt, kunt u ze daarin tentoonstellen en bijvoorbeeld op een ouderavond laten zien aan de ouders.
|
| |
 |
Scheppingsverhalen op internet
|
|
|
|
Materiaal
|
 |
- computer met internetaansluiting - pen en papier - eventueel een internetmap waarin de kinderen de naam van de bezochte website en de belangrijkste gegevens noteren, alsook een of meer prints van de website opbergen
|
Tijd
|
 |
|
20 minuten (per groepje van twee of drie leerlingen)
|
Doel
|
 |
|
De kinderen bezoeken op internet een website met scheppingsverhalen uit meer dan twintig culturen.
|
 |
- Vraag de kinderen of ze een scheppingsverhaal kennen. In de meeste gevallen zullen de kinderen verwijzen naar het scheppingsverhaal uit de bijbel. Laat ze er kort over vertellen. - Vertel dat veel culturen hun eigen scheppingsverhaal hebben. Die verhalen kunnen onderling erg verschillen. - Vertel de kinderen dat ze op internet een website gaan bezoeken waarop scheppingsverhalen uit verschillende culturen staan. Het zijn verhalen die niet alleen boeiend zijn door de inhoud, maar ook door de prachtige animaties waarmee de verhalen worden verbeeld. - De kinderen zoeken op internet: http://www.bigmyth.com/2_ned_myths.htm Door op een plek op de wereldkaart te klikken, kunnen ze een scheppingsverhaal uit een bepaalde cultuur oproepen. Geef de kinderen eventueel de opdracht om een speciaal scheppingsverhaal te lezen. Dan kunnen alle verhalen (ongeveer twintig) na afloop worden besproken. - De belangrijkste informatie over de verhalen noteren de kinderen op een blaadje of in hun internetmap. Zo mogelijk printen ze een of meer pagina's die ze in hun intermap opbergen. - Bespreek na afloop met de kinderen welke scheppingsverhalen ze hebben gelezen. Doe dat aan de hand van de volgende vragen:
|
- Welk scheppingsverhaal heb je gelezen? (Uit welke cultuur?)
- Hoe is de wereld volgens dat scheppingsverhaal ontstaan?
- Welke goden speelden een rol in het scheppingsverhaal?
- Hoe is de mens volgens het scheppingsverhaal ontstaan?
- Heeft het scheppingsverhaal te maken met de cultuur of het land?
- Wat vond je mooi of bijzonder aan het scheppingsverhaal?
- Heb jij zelf een idee hoe de wereld is ontstaan? Heeft dat te maken met een bepaalde godsdienst of cultuur?
|
 |
Laat de kinderen hierna tot de conclusie komen dat de scheppingsverhalen onderling sterk verschillen. Blijkbaar denken mensen op een heel eigen manier over het ontstaan van de wereld. - Als afsluiting maken de kinderen een tekening over het scheppingsverhaal dat ze hebben gelezen. Dat kan een tekening zijn waarin een deel van het verhaal wordt weergegeven, een stripverhaal of een collage waarin diverse elementen bij elkaar worden gebracht.
|
| |
 |
 |
|
Auteur: Ben Verschuren © Uitgeverij Zwijsen Educatief B.V.
|
|  |
|
|
|
 |
 | |
|