leerkracht.nl: lespraktijk: Werelddierendag: activiteiten voor groep 1 en 2


leerkracht.nlLesschetsForumAdresboekColofon


Thema: : Werelddierendag
  Welk dier wil je zijn?
Stel je voor dat je een dier bent. Hoe zou dat zijn?
  Geluiden van dieren
Er klinkt geblaf, geloei en gemiauw in de klas. Welke dieren zijn dat?
  Dieren die bij elkaar horen
Kinderen sorteren verschillende dieren op basis van een zelf bepaald criterium.

Welk dier wil je zijn?

Materiaal
-

Tijd
15 minuten

Doel
De kinderen beschrijven de kenmerken van een dier.

- Vertel de kinderen dat ze zich voor moeten stellen dat ze als dier in een dierenwereld leven. Welk dier willen ze zijn?
- De kinderen vertellen nu over zichzelf als dier. Ze doen dat in de ik-vorm: ik ben een konijn, ik heb een zachte huid, ik eet graag worteltjes, ik speel graag in het zand, dan kan ik kuilen graven, enzovoort. Om de kinderen te helpen stelt u zo nodig gerichte vragen als:

  • Hoe zie je eruit?


  • Wat eet je?


  • Waar woon je?


  • Waar ben je overdag/'s nachts?


  • Wie zijn je vriendjes?


  • Wat doe je in de winter?
Uiteraard mogen ook de andere kinderen vragen stellen.

Opmerking
Het is de bedoeling dat de kinderen bestaande dieren kiezen. Na afloop kunt u uiteraard dezelfde opdracht nog eens doen waarbij de kinderen een fantasiedier mogen bedenken.
 

Geluiden van dieren

Materiaal
-

Tijd
15 minuten

Doel
De kinderen verzamelen zo veel mogelijk dierengeluiden.

- Vraag de kinderen welke dierengeluiden ze kennen. Ze doen die na en vertellen erbij welk dier dat geluid maakt.
- Vervolgens noemt u een aantal dieren, waarna de kinderen (klassikaal) het geluid van dat dier nadoen. Om het spannend te maken noemt u ook dieren waarvan het geluid minder bekend is (giraffe) of dieren die geen geluid maken (vissen).
 

Dieren die bij elkaar horen

Materiaal
- kranten en tijdschriften om plaatjes van dieren uit te knippen
- grote vellen papier om dieren die bij elkaar horen op te plakken

Tijd
30 minuten

Doel
De kinderen groeperen plaatjes van dieren.

- Verdeel de kinderen in groepjes. Laat hen uit kranten en tijdschriften plaatjes van dieren knippen.
- Daarna leggen ze alle plaatjes op de groepstafel en bespreken ze welke dieren bij elkaar horen. Ze mogen zelf bepalen waarom bepaalde dieren bij elkaar horen. Bijvoorbeeld: grote en kleine dieren, dieren met en zonder oren, dieren die kunnen vliegen, enzovoort. Wijs de kinderen erop dat een dier dus bij verschillende groepen kan horen.
- Vervolgens laat de eerste groep kinderen zien welke dieren ze bij elkaar vinden horen. De kinderen uit de andere groepen moeten proberen te raden waarom die dieren bij elkaar horen.
- Als op deze manier alle diergroepen besproken zijn, worden de dieren per groep op één vel papier geplakt en in de klas opgehangen.
- Bespreek tot slot alle diergroepen klassikaal en vraag de kinderen bij elke diergroep of ze nog andere dieren kennen die er ook bij horen.
 

Auteur: Ben Verschuren © Uitgeverij Zwijsen Educatief B.V. en KRO



leerkracht.nl: lespraktijk: Werelddierendag: achtergrondinformatie

leerkracht.nl: lespraktijk: Werelddierendag: activiteiten voor groep 3 en 4
leerkracht.nl: lespraktijk: Werelddierendag: activiteiten voor groep 5 en 6
leerkracht.nl: lespraktijk: Werelddierendag: activiteiten voor groep 7 en 8





©Uitgeverij Zwijsen Educatief B.V.