Kerstmis en Chanoeka: activiteiten voor groep 1 en 2


leerkracht.nlLesschetsForumAdresboekColofon


Thema: Kerstmis en Chanoeka
  Het licht van Kerstmis en Chanoeka
Het christelijke kerstfeest en het joodse Chanoeka zijn beide Lichtfeesten. Het licht van kaarsen heeft een speciale betekenis. Het wijst ons naar het licht in onszelf en de wonderen van de wereld. In deze activiteit maken de kinderen hun eigen kerst- of chanoekalicht.
  Kerstverhaal
Kleine kinderen houden ervan om de kerstboom te versieren met bijzondere dingen. Een zilveren bal, een klokje dat echt klinkt of een vogel met een staart van veertjes. In het verhaal uit deze activiteit mag Robin iets moois kiezen. Wat zou hij kiezen? En wat kiezen de kinderen in de klas?
  Een adventskalender
De tijd voorafgaand aan Kerstmis wordt advent genoemd. In die tijd leven we naar het kerstfeest toe. In de klas geeft u het wachten vorm door elke dag een sterretje aan de hemel te laten verschijnen. Als alle sterren stralen, gaan de deuren van de stal open.

Het licht van Kerstmis en Chanoeka

Materiaal
• een grote kaars op een stevige standaard
• elk kind: een dikke kaars
• gekleurde bijenwas
• kleine plakkertjes (met de naam van de kinderen)

Tijd
30 minuten

Doel
De kinderen versieren een kaars met bijenwas.

– Ga met de kinderen in een kring zitten. Zet de grote kaars op een goed zichtbare plaats neer. Steek hem aan. Doe de andere verlichting in de klas uit. Kijk met de kinderen naar het kaarslicht. Neem daar even de tijd voor.
– Vraag de kinderen of ze thuis Kerstmis of Chanoeka vieren. Vertel dat bij deze feesten altijd veel kaarsen worden aangestoken.
– Vraag de kinderen om even stil van binnen te zijn en alleen maar te kijken naar het vlammetje. Laat ze vertellen waaraan ze dachten toen het stil was. Wat roept het kaarslicht op? Vinden ze het mooi, warm, spannend, vertrouwd, gezellig? Praat er kort over.
– Doof de kaars. Laat de kinderen aan tafel gaan zitten. Deel de kaarsen uit. Geef ieder kind een paar stukjes gekleurde bijenwas.
– Vertel dat de kinderen zelf een feestkaars gaan maken. Die kaars mag thuis met Kerstmis of Chanoeka branden. Leg uit dat de kinderen de kaars niet zelf mogen aansteken, maar alleen met papa, mama of een andere volwassene.
– Doe voor wat de kinderen met de bijenwas moeten doen.
• Je kunt bijenwas kneden als klei. Kneed een klein stukje was tot het warm en soepel wordt.
• Vorm een figuurtje van de was. Plak dat op de kaars.
• Druk de was stevig aan. Wrijf de was een beetje uit.
– Laat de kinderen zelf kleuren kiezen, kneden, rollen en vormen maken met hun handen. Ze gebruiken geen gereedschappen, alleen hun handen. Als de bijenwas stijf is, is hij nog niet warm genoeg. De was moet nog meer worden gekneed. Dit is voor kleuters een moeilijk maar heel bevredigend werkje. Stimuleer ze om het zelf te doen.
– Als alle kaarsen klaar zijn, kunt u ze een mooi plaatsje in de klas geven. Zorg ervoor dat iedere kaars voorzien is van de naam van het kind, bijvoorbeeld met een klein plakkertje aan de onderkant.
– Geef de kaarsen mee naar huis op de laatste schooldag voor de kerstvakantie.

 

Kerstverhaal

Materiaal
• het verhaal Gitaar

Tijd
20 minuten

Doel
De kinderen luisteren naar een kerstverhaal. Ze praten na over dingen waarmee je de boom versiert.

– Ga met de kinderen in een kring zitten. Vertel dat u een verhaal over Kerstmis gaat voorlezen. Weten de kinderen wanneer het Kerstmis is? Vieren ze thuis ook Kerstmis? Wat doen ze allemaal met Kerstmis? Laat ze kort vertellen.
– Lees het verhaal ‘Gitaar’ voor.
– Bespreek het verhaal na. Gebruik daarvoor de volgende vragen:
• Over wie gaat het verhaal? (Over de jongen Robin.)
• Wie zijn er nog meer in het verhaal? (Robins mama, meneer Smit, de juffrouw van de winkel.)
• Wat wil Robin het allerliefst? (Een paarse gitaar.)
• Wat is er zo bijzonder aan de paarse gitaar? (De gitaar glimt mooi en Robin wordt er blij van.)
– Ga nu over op de ervaringen van de kinderen zelf.
• Wat zou jij kiezen voor in de kerstboom?
• Wat voor bijzondere dingen hangen er bij jou thuis in de boom? Welk gevoel krijg je daarbij?
• Mag jij wel eens iets speciaals kiezen? Vertel daar eens over. Hoe voel je je dan? (Ook kinderen die thuis geen kerstboom hebben, kunnen hierop reageren.)
– Breng het gesprek terug naar het verhaal. Stel de volgende vragen:
• Hoe voelt Robin zich als hij iets anders moet kiezen? (Robin voelt zich boos en verdrietig, hij moet bijna huilen.)
• Wat zegt meneer Smit? (Als je iets belooft, moet je het ook doen!)
– Vraag de kinderen hoe het voelt als iemand niet doet wat hij belooft. Hoe voelen ze zich dan? Lijkt dat op het gevoel van Robin in het verhaal?
– Laat de kinderen tot slot vertellen hoe het verhaal afloopt.

 

Een adventskalender

Materiaal
• grote effen donkerblauwe lap
• bruine lap
• decoratieve stenen
• verschillende vellen gekleurd stevig papier (in ieder geval donkerbruin, blauw, rood, geel)
• vijfentwintig kleine sterren en ιιn grote gouden ster geknipt uit karton
• plakband
• lijm

Voorbereiding
– Hang de donkerblauwe lap op aan een muur of over een frame, niet te hoog, zodat de kinderen erbij kunnen. Dit is de nachthemel boven de stal waar het Kerstkind wordt geboren.
– Zet een tafeltje voor de nachthemel. Leg er de bruine lap en de stenen op: ze vormen het decor bij de kerststal.
– Knip twee staldeuren uit donkerbruin stevig papier, ongeveer 15 cm hoog.
– Knip de figuren Maria, Jozef en het kind in de kribbe uit gekleurd papier. Kijk voor een voorbeeld op: www.kersttijd.nl/images/kleurplaat_kerststal.jpg.
– Plak de figuren op de doek aan de onderzijde van de blauwe lap, zodat de stal op de bruine lap staat.
– Plak de staldeuren aan de zijkant vast, zodat ze opengevouwen kunnen worden.
– Vouw de deuren dicht. Verzegel ze met plakband.
– Knip vijfentwintig gouden sterren uit karton. Leg ze in een doosje. Knip een extra grote ster met een staart. Bewaar die op een aparte plaats.

Tijd
• voorbereiding: 40 minuten
• dagelijks 1 minuut tijdens de adventstijd

Doel
De kinderen ervaren de adventstijd door iedere dag een ster op de blauwe hemel in de klas te plakken.

– Tref de voorbereidingen voor deze activiteit vσσr de eerste adventszondag.
– Vertel dat de adventstijd is begonnen. In de adventstijd wachten we op het kerstfeest. Vertel kort dat we tijdens het kerstfeest de geboorte van Jezus vieren.
– Laat de kinderen de hemel zien die u in de klas hebt gemaakt. Aan die hemel komt iedere dag een nieuwe ster, totdat het Kerstmis is. Wijs de deuren aan. Vertel dat het deuren van de stal zijn waarin Jezus is geboren.
– Nodig een van de kinderen uit om een ster te plakken op de blauwe hemel. Druk de ster met een klein drupje lijm op de lap.
– Herhaal dit gedurende de adventstijd. De dagen van het weekend kunt u op maandag inhalen door verschillende kinderen een ster te laten plakken. De hemel zal er steeds stralender uitzien.
– Op de dag voor Kerstmis, of op de laatste schooldag voor de vakantie, opent u de staldeuren. De kinderen zien wat al die tijd verborgen is geweest: vrolijk kerstfeest!

 

Auteur: Simone van Bentum-Gerich © Uitgeverij Zwijsen B.V.



Kerstmis en Chanoeka: achtergrondinformatie

Kerstmis en Chanoeka: activiteiten voor groep 3 en 4
Kerstmis en Chanoeka: activiteiten voor groep 5 en 6
Kerstmis en Chanoeka: activiteiten voor groep 7 en 8





©Uitgeverij Zwijsen Educatief B.V.